Van bruisende steden tot ongerepte jungle in Maleisië

Sommige bestemmingen verrassen je elke dag opnieuw. Maleisië is er zonder twijfel zo eentje. Tijdens deze rondreis ontdekten travel designers Nathalie en Camille een land waar moderne wereldsteden, eeuwenoude tradities en indrukwekkende natuur moeiteloos samensmelten. Ze dwaalden door de levendige straten van Kuala Lumpur, reisden langs koloniale steden en uitgestrekte theevelden, en trokken vervolgens naar het tropische Borneo, waar orang-oetans, neusapen en dwergolifanten nog steeds in het wild leven.

Wat deze bestemming zo bijzonder maakt, is de enorme afwisseling. De ene dag bewonderden ze imposante wolkenkrabbers, kleurrijke tempels en sfeervolle straatmarkten, de volgende dag voeren ze door een van de oudste regenwouden ter wereld. Onderweg maakten ze kennis met de warme Maleisische gastvrijheid en proefden ze van een keuken waarin Maleisische, Chinese en Indiase invloeden samenkomen.

Reis mee met Nathalie en Camille en ontdek waarom Maleisië en Borneo een bestemming zijn die natuurliefhebbers, cultuurfans én avonturiers moeiteloos weet te bekoren.

Eerste kennismaking met het bruisende Kuala Lumpur

Kuala Lumpur is een stad van contrasten. Glanzende wolkenkrabbers steken hoog boven historische gebouwen uit en op bijna elke straathoek komen verschillende culturen samen. Maleiers, Chinezen en Indiërs leven hier al generaties lang naast elkaar en dat zie je terug in de architectuur, de religies, de keuken en de gezellige drukte op straat.

Onze eerste stop is Masjid Jamek, een van de oudste moskeeën van Kuala Lumpur. De sierlijke wit met rode koepels en elegante bogen doen haast denken aan een paleis. De moskee ligt precies op de plek waar de rivieren Klang en Gombak samenkomen. Hier ontstond ruim 150 jaar geleden de stad. De naam Kuala Lumpur betekent trouwens letterlijk ‘modderige riviermonding’, een verwijzing naar deze historische locatie waar Chinese mijnwerkers zich vestigden tijdens de tinkoorts.

Van daaruit wandelen we richting Merdeka Square, het plein waar in 1957 de Maleisische onafhankelijkheid werd uitgeroepen. De enorme vlaggenmast, een van de hoogste ter wereld, herinnert nog altijd aan dat historische moment. Aan de overkant staat het prachtige Sultan Abdul Samad Building, zonder twijfel een van de meest iconische gebouwen van Kuala Lumpur. De Moorse architectuur, de koperen koepels en de imposante klokkentoren vormen een opvallend contrast met de moderne skyline op de achtergrond.

Daarna trekken we naar de Central Market, ooit een eenvoudige versmarkt en vandaag een bruisende ontmoetingsplek waar lokale kunstenaars en ambachtslui hun creaties verkopen.

Even verder verandert de sfeer opnieuw wanneer we Chinatown binnenwandelen. Rode lantaarns hangen boven de straatjes en de geur van verse noedels, saté en kruiden vult de lucht. Tussen de drukte bezoeken we ook de Sze Ya Temple, de oudste taoïstische tempel van Kuala Lumpur.

Wanneer de avond valt, trekken we naar dé blikvanger van Kuala Lumpur, de Petronas Twin Towers. Met hun hoogte van 452 meter waren ze jarenlang de hoogste gebouwen ter wereld en ook vandaag blijven ze hét symbool van Maleisië. Zodra de zon ondergaat, lichten de torens prachtig op. Aan de voet van de gebouwen genieten we van de fonteinshow in KLCC Park, waar water, licht en muziek samen voor een sfeervolle afsluiter van onze eerste dag zorgen.

Onze eerste indruk? Kuala Lumpur is levendig, verrassend en ongelooflijk veelzijdig. Een stad waar je moeiteloos uren blijft rondwandelen en telkens weer iets nieuws ontdekt.

Terug in de tijd in historisch Melaka

We verlaten de moderne hoofdstad en rijden naar Melaka, een stad die al eeuwenlang een belangrijke rol speelt in de geschiedenis van Zuidoost Azië. Dankzij haar strategische ligging aan de Straat van Melaka groeide deze havenstad uit tot een van de belangrijkste handelscentra ter wereld. Portugese, Nederlandse en Britse kolonisten lieten hier allemaal hun sporen na, waardoor Melaka vandaag een unieke mix van culturen en architectuur vormt.

Onze eerste halte is A Famosa, de overgebleven toegangspoort van een Portugees fort dat in de zestiende eeuw werd gebouwd. Het is een van de oudste Europese bouwwerken in Azië en herinnert aan een tijd waarin wereldmachten vochten om de controle over de lucratieve specerijenhandel. Even later wandelen we omhoog naar St. Paul’s Church. Van de kerk zelf blijven enkel de oude muren overeind, maar net dat geeft deze plek zoveel karakter. Vanop de heuvel genieten we bovendien van een mooi uitzicht over de stad en de rivier die Melaka al eeuwenlang met de rest van de wereld verbindt.

Beneden wacht het bekende Dutch Square op ons. De felrode gebouwen vormen een opvallend decor en behoren zonder twijfel tot de meest gefotografeerde plekjes van Maleisië. Het Stadhuys, ooit het administratieve centrum van de Nederlanders, is een van de oudste Nederlandse gebouwen buiten Europa. Ook Christ Church, met haar karakteristieke rode gevel, springt meteen in het oog.

Melaka toont hoe verschillende culturen hier al eeuwenlang harmonieus samenleven. Dat merken we ook tijdens ons bezoek aan Cheng Hoon Teng, de oudste nog actieve Chinese tempel van Maleisië. De verfijnde houtsnijwerken, kleurrijke dakornamenten en geurige wierook zorgen voor een bijzondere sfeer. Opvallend is dat elementen uit het boeddhisme, taoïsme en confucianisme hier moeiteloos naast elkaar bestaan.

Uiteraard mag ook een wandeling door Jonker Street niet ontbreken. De gezellige straat bruist van het leven. Achter de kleurrijke gevels vinden we kleine boetieks, antiekwinkeltjes en kraampjes waar we lokale lekkernijen proeven. Melaka staat onder andere bekend om haar heerlijke Nyonya keuken, ontstaan uit de unieke mengeling van Chinese en Maleisische tradities. De rijke smaken en geurige kruiden maken meteen duidelijk waarom deze keuken zoveel liefhebbers telt.

Voor we terugkeren naar Kuala Lumpur maken we nog een laatste stop bij de Masjid Selat, ook wel de Melaka Straits Mosque genoemd. De moskee werd gebouwd op palen in zee waardoor ze bij hoogwater lijkt te zweven. Zeker wanneer de zon langzaam richting horizon zakt, levert dat prachtige beelden op.

Terug in Kuala Lumpur sluiten we de dag af met een bezoek aan de indrukwekkende Thean Hou Temple. Deze kleurrijke Chinese tempel behoort tot de grootste van Zuidoost-Azië en biedt niet alleen een indrukwekkende architectuur, maar ook een prachtig uitzicht over de stad.

Van kleurrijke tempels naar de groene hooglanden

Na enkele dagen in de bruisende hoofdstad nemen we afscheid van Kuala Lumpur. Voor we de stad achter ons laten, maken we nog een stop bij een van de bekendste bezienswaardigheden van Maleisië, de Batu Caves.

Al van ver zien we het gigantische gouden standbeeld van de hindoegod Murugan boven de omgeving uittorenen. Met een hoogte van ruim veertig meter is het een van de grootste standbeelden van een hindoeïstische god ter wereld. Om de grotten te bereiken beklimmen we de 272 felgekleurde trappen. Dat lijkt misschien een flinke inspanning, maar onderweg is er zoveel te zien dat we bijna vergeten hoe hoog we al geklommen zijn.

Voor Camille is dit bezoek er eentje met een klein randje spanning. Ze heeft het niet zo op vogels en vooral duiven zorgen meestal voor een lichte paniekreactie. Toch besluit ze de uitdaging aan te gaan. Terwijl de duiven vlak langs ons fladderen en soms zelfs op de leuningen landen, blijven we stap voor stap verder klimmen.

Boven worden we beloond met een indrukwekkende kalksteengrot waarin verschillende hindoeïstische tempels verscholen liggen. De kalkrotsen waarin de grotten zich bevinden zijn naar schatting meer dan 400 miljoen jaar oud en behoren tot de oudste ter wereld.

Na dit kleurrijke bezoek ontdekken we een heel andere kant van Maleisië tijdens een bezoek aan een traditionele batikwerkplaats. Batik is veel meer dan een mooi stukje textiel. De techniek wordt al generaties lang doorgegeven en vraagt enorm veel precisie. Eerst worden patronen met warme was op de stof aangebracht, waarna verschillende verflagen volgen. Pas wanneer de was verwijderd wordt, verschijnt het uiteindelijke kunstwerk. Natuurlijk mogen we zelf ook een poging wagen. Dat blijkt minder eenvoudig dan het eruitziet, maar het is ontzettend leuk om zelf even in de huid van een lokale kunstenaar te kruipen.

Daarna verandert het landschap langzaam. De moderne stad maakt plaats voor kronkelende bergwegen, dichte bossen en een steeds frissere temperatuur. We rijden richting de Cameron Highlands, een regio die meer dan 1.500 meter boven de zeespiegel ligt. Het verschil met de tropische warmte van Kuala Lumpur is meteen voelbaar. Geen wonder dat de Britse kolonisten deze streek ooit uitkozen als hun favoriete toevluchtsoord tijdens de warme zomers.

De grootste trekpleister van de regio is de BOH Tea Plantation. Niet enkel toeristen, maar ook locals komen hier vaak in het weekend de groene theevelden over de heuvels bewonderen. Tijdens ons bezoek leren we hoe thee wordt geplukt, gedroogd en verwerkt tot de bekende zwarte thee die wereldwijd geëxporteerd wordt.

Later op de dag bezoeken we nog enkele lokale plantages waar groenten, bloemen en kruiden worden gekweekt. Dankzij het koelere klimaat groeien hier producten die je elders in Maleisië nauwelijks tegenkomt.

Van theevelden naar het kleurrijke Penang

De frisse ochtendlucht in de Cameron Highlands is heerlijk. Voor we verder reizen bezoeken we eerst een gezellige lokale markt waar kraampjes vol aardbeien, bloemen, honing en verse groenten ons verwelkomen. De regio staat bekend om haar aardbeien, iets wat je misschien niet meteen verwacht in een tropisch land.

Uiteraard mag een bezoek aan een aardbeienboerderij niet ontbreken. We wandelen tussen de serrevelden, een leuke en verrassende stop voor we opnieuw de weg op gaan.

Via een van de langste bruggen van Zuidoost-Azië bereiken we Penang Island. De brug verbindt het vasteland met het eiland over een afstand van meer dan 13 kilometer. Tijdens de rit genieten we van prachtige uitzichten over zee.

Onze bestemming is Georgetown, een stad die terecht een plaats kreeg op de UNESCO Werelderfgoedlijst. Wat ons meteen opvalt is hoe verschillende culturen hier al eeuwenlang naast elkaar leven. Chinese tempels, koloniale gebouwen, kleurrijke straatkunst en gezellige koffiebars vormen samen een unieke mix.

We starten onze ontdekkingstocht bij de bekende Clan Jetties. Deze houten dorpen werden meer dan honderd jaar geleden gebouwd door Chinese immigranten die zich hier op palen boven het water vestigden. Sommige families wonen hier vandaag nog steeds. Wandelend over de houten steigers krijgen we een mooi beeld van het dagelijkse leven op het water.

Tijdens de lunch maken we opnieuw kennis met de lokale keuken. Georgetown wordt vaak de culinaire hoofdstad van Maleisië genoemd. De mengeling van Maleisische, Chinese, Indiase en Peranakan invloeden zorgt voor een ongelooflijke variatie aan smaken. Overal zie je straatkraampjes waar met veel passie gekookt wordt.

In de namiddag trekken we richting Armenian Street, waar Georgetown wereldberoemd om is geworden. De kleurrijke street art is hier veel meer dan zomaar decoratie. Verschillende kunstenaars brachten de geschiedenis van de stad tot leven door schilderingen te combineren met echte objecten zoals fietsen, motoren en schommels. We wandelen van kunstwerk naar kunstwerk en ontdekken telkens weer een nieuw verrassend hoekje.

Ook de Kuan Yin Teng Tempel maakt indruk. Dit is de oudste Chinese tempel van Penang en nog steeds een belangrijke ontmoetingsplaats voor de lokale gemeenschap. De geur van wierook vult de tempel terwijl gelovigen rustig hun gebeden uitspreken.

We sluiten de dag af bij Fort Cornwallis, het grootste overgebleven fort van Maleisië. Hoewel het fort nooit echt een grote veldslag heeft meegemaakt, vertelt het nog altijd het verhaal van de Britse aanwezigheid op het eiland. Vanaf de oude vestingmuren kijken we uit over zee en beseffen we hoe belangrijk Penang eeuwenlang was voor de internationale handel.

Georgetown voelt tegelijk historisch, creatief en verrassend hip aan. Het is zonder twijfel een stad waar we gerust nog langer hadden willen rondwandelen.

Langkawi, natuurpracht tussen zee en jungle

Na de culturele rijkdom van Penang is het tijd voor een heel ander decor. We vliegen naar Langkawi, een tropische eilandengroep in het noordwesten van Maleisië die bestaat uit maar liefst 99 eilanden. Het eiland staat bekend om zijn ongerepte natuur, witte stranden en spectaculaire landschappen. Niet voor niets kreeg een groot deel van Langkawi het UNESCO Global Geopark label, als erkenning voor zijn uitzonderlijke geologische en natuurlijke waarde.

Onze eerste halte is Panorama Langkawi. Hier stappen we aan boord van een van de steilste kabelbanen ter wereld. Terwijl de cabine langzaam hoger klimt, ontvouwt zich onder ons een prachtig landschap van dicht regenwoud, kalksteenpieken en de azuurblauwe Andamanse Zee. Alleen de rit naar boven is al een belevenis op zich.

Boven aangekomen wandelen we naar de iconische Langkawi SkyBridge. Deze indrukwekkende voetgangersbrug hangt hoog tussen de bergtoppen en lijkt haast te zweven boven de jungle. Vanaf hier genieten we van een panoramisch uitzicht over het eiland en de omliggende archipel.

In de namiddag trekken we naar het noordoosten van het eiland voor een boottocht door het indrukwekkende Kilim Geoforest Park. Dit bijzondere natuurgebied brengt drie unieke ecosystemen samen. Imposante kalksteenrotsen rijzen op uit het water, uitgestrekte mangrovebossen vormen een wirwar van wortels langs de oevers en daarachter strekt het eeuwenoude tropische regenwoud zich uit.

Terwijl onze boot rustig door de smalle waterwegen glijdt, houden we onze ogen goed open. Lang duurt het niet voor we de eerste dieren spotten. Makaakapen klauteren behendig tussen de bomen, een varaan ligt te zonnen op de oever en hoog boven ons zweven verschillende roofvogels. Vooral de sierlijke Brahmaanse wouw, met zijn kastanjebruine verenkleed en helderwitte kop, trekt meteen de aandacht. Deze prachtige roofvogel is uitgegroeid tot hét symbool van Langkawi. Volgens sommigen zou het eiland zelfs zijn naam aan deze vogel te danken hebben.

De mangrovebossen maken misschien wel de meeste indruk. Op het eerste gezicht lijken ze een ondoordringbaar labyrint van wortels en bomen, maar al snel ontdekken we hoe belangrijk dit ecosysteem eigenlijk is. Mangroves beschermen de kust tegen erosie, filteren het water, slaan grote hoeveelheden CO₂ op en vormen een veilige kraamkamer voor talloze vissen, krabben en andere zeedieren. Zonder deze bossen zou het leven langs de kust er helemaal anders uitzien.

Welkom in Borneo

Vandaag laten we het Maleisische schiereiland achter ons en vliegen we naar Sarawak, op het indrukwekkende eiland Borneo. Alleen al het idee dat we straks een van de oudste regenwouden ter wereld zullen ontdekken, maakt ons ontzettend enthousiast.

Na een korte tussenstop in Kuala Lumpur landen we in Kuching, de hoofdstad van Sarawak. De naam Kuching betekent letterlijk “kat”. Daardoor vind je overal in de stad standbeelden, muurschilderingen en zelfs een kattenmuseum. Of de stad haar naam echt aan katten te danken heeft, daarover verschillen de meningen, maar één ding is zeker, de inwoners zijn bijzonder trots op hun bijnaam.

We wandelen langs de Kuching Waterfront, misschien wel de bekendste promenade van heel Maleisië. Aan de overkant van de Sarawak-rivier zien we het futuristische gebouw van de Sarawak State Legislative Assembly, waarvan het dak geïnspireerd werd op een traditionele Maleisische parasol.

Niet veel verder ligt ook The Astana, de officiële residentie van de gouverneur van Sarawak. Dit elegante witte paleis werd in de negentiende eeuw gebouwd door Charles Brooke, een van de beroemde White Rajahs die Sarawak jarenlang bestuurden.

Via de goudkleurige Darul Hana Bridge steken we de rivier over. De sierlijke brug is niet alleen een architecturaal hoogstandje, maar biedt ook een prachtig uitzicht over de stad.

Wanneer de zon langzaam ondergaat stappen we aan boord van een riviercruise. De skyline kleurt goud terwijl we rustig over het water varen. Onderweg genieten we van traditionele muziek en dansvoorstellingen die ons laten kennismaken met de rijke cultuur van Sarawak. Een ontspannen en sfeervolle manier om onze eerste dag op Borneo af te sluiten.

Op zoek naar de beroemde neusapen in Bako National Park

Vandaag trekken we naar Bako National Park, het oudste nationale park van Sarawak en een van de beste plekken in Sarawak om wildlife in het wild te spotten.

Na een rit vanuit Kuching stappen we aan boord van een kleine boot. Langzaam varen we langs mangroves, rotsformaties en verlaten stranden richting het park. Zelfs onderweg houden we onze ogen goed open, want boven het water zweven regelmatig zeearenden en andere indrukwekkende kustvogels.

Bako is misschien niet het grootste nationale park van Maleisië, maar het behoort zonder twijfel tot de meest gevarieerde. Binnen een relatief klein gebied wisselen mangrovebossen, moerasgebieden, tropisch regenwoud, zandstranden en indrukwekkende kliffen elkaar af.

Niet veel later worden we beloond met onze eerste ontmoeting met de beroemde neusaap. Deze bijzondere primatensoort leeft uitsluitend op Borneo en is vooral bekend om de opvallend grote neus van de mannetjes. Wetenschappers vermoeden dat die grote neus helpt om indruk te maken op de vrouwtjes én om luide geluiden te versterken die door het regenwoud galmen.

Ook zilverlangoeren, nieuwsgierige makaken, wilde zwijnen en zelfs een klein slangetje laten zich zien tijdens onze wandeling. Na een dag vol natuur keren we terug naar Kuching.

De jungle ontdekken vanop grote hoogte

Vandaag reizen we verder naar de Maleisische deelstaat Sabah, waar opnieuw heel wat natuurpracht op ons wacht. Borneo is een van de meest biodiverse eilanden ter wereld en herbergt duizenden planten en dieren die nergens anders voorkomen. Het voelt dan ook alsof we een compleet andere wereld binnenstappen.

Onze eerste stop is Labuk Bay Proboscis Monkey Sanctuary, een beschermd gebied waar de iconische neusapen vrij rondleven. Hoewel deze dieren ook in het wild voorkomen, biedt dit reservaat extra bescherming aan hun leefgebied dat steeds kleiner wordt. Vanop de observatieplatformen zien we verschillende families rustig door de bomen bewegen. Hun opvallend lange neus, bolle buik en rustige karakter maken hen meteen herkenbaar. Het blijft bijzonder om te beseffen dat deze primaten enkel op Borneo voorkomen. Ze leven bijna altijd in de buurt van mangroves en rivieren en brengen het grootste deel van de dag door in de boomtoppen.

Daarna trekken we naar het Rainforest Discovery Centre in Sepilok. Hier maken we kennis met een van de oudste regenwouden ter wereld. Sommige bomen zijn meer dan zestig meter hoog en vormen samen een dicht bladerdak waar amper zonlicht doorheen raakt. Het absolute hoogtepunt is de spectaculaire canopy walk. Via hangbruggen wandelen we tientallen meters boven de grond tussen de kruinen van de eeuwenoude bomen. Van hieruit krijgen we een heel ander zicht op de jungle.

Overal horen we vogelgezang en het geritsel van dieren die zich tussen de bladeren verplaatsen. Met wat geluk spotten we ook enkele prachtige neushoornvogels, beter bekend als hornbills. Deze kleurrijke vogels met hun opvallende snavel zijn hét symbool van Borneo en spelen een belangrijke rol in de lokale cultuur. Voor veel inheemse bevolkingsgroepen staan ze symbool voor kracht, wijsheid en bescherming. Weer een dier van ons lijstje afgevinkt!

Orang-oetans, zonneberen en een nacht midden in de jungle

Vandaag staat een van de meest bijzondere bezoeken van onze reis op het programma. Al vroeg vertrekken we naar het wereldberoemde Sepilok Orangutan Rehabilitation Centre. In dit opvangcentrum worden verweesde en geredde orang-oetans verzorgd en voorbereid op een leven in het wild. Veel dieren kwamen hier terecht nadat hun leefgebied werd vernietigd of nadat ze slachtoffer werden van illegale handel. Stap voor stap leren ze opnieuw zelfstandig voedsel zoeken en overleven in het regenwoud.

Tijdens het voedermoment verzamelen we ons stil op het observatieplatform. Even later verschijnen de eerste orang-oetans tussen de bomen. Het blijft indrukwekkend hoe sierlijk deze grote mensapen zich door het woud bewegen. Ze slingeren moeiteloos van tak naar tak en lijken zich niets aan te trekken van de bezoekers die vol bewondering toekijken.

Orang-oetan betekent letterlijk ‘mens van het bos’ in het Maleis. Wanneer je hun nieuwsgierige blik ziet, begrijp je meteen waar die naam vandaan komt.

Niet veel verder bezoeken we het Bornean Sun Bear Conservation Centre. Hier worden zonneberen opgevangen, de kleinste berensoort ter wereld. Volwassen dieren worden amper anderhalve meter groot en wegen vaak minder dan zestig kilogram. Hun opvallende gele vlek op de borst doet denken aan een opkomende zon, vandaar hun naam.

In de namiddag begint opnieuw een heel ander avontuur. We rijden richting de Kinabatangan-rivier, een van de belangrijkste natuurgebieden van Maleisië. Van hieruit stappen we aan boord van een boot die ons diep de jungle in brengt.

Langzaam varen we tussen de mangroves en het tropische regenwoud richting onze lodge. De rust op het water is heerlijk. Af en toe horen we enkel het geroep van vogels of het zachte klotsen van het water tegen de boot. Tijdens onze eerste riviercruise speuren we voortdurend de oevers af. Achter elke bocht kan zomaar een nieuw dier opduiken.

Plots verandert het weer volledig. Donkere wolken pakken zich samen en even later barst een stevige tropische regenbui los. Binnen enkele minuten verandert de rivier in een spiegel vol regendruppels. Maar ja, zo’n regenbui hoort nu eenmaal bij het leven in de jungle. Wanneer het volledig donker wordt verschijnen duizenden vuurvliegjes tussen de mangroves. De bomen lijken plots versierd met ontelbare kleine lichtjes.

Uitgeregend maar voldaan komen we terug aan bij onze rivierlodge. Een frisse douche en ons bedje doen deugd!

Een ochtend die we nooit meer vergeten

Nog voor de zon opkomt varen we over de Kinabatangan-rivier richting Pitas Lake. Terwijl de eerste zonnestralen langzaam door het regenwoud breken, ontwaakt de jungle. Overal horen we exotische vogels zingen en klinkt het geroep van gibbons in de verte. Het voelt alsof de natuur langzaam wakker wordt.

Tijdens onze tocht zien we verschillende soorten ijsvogels, reigers en kleurrijke vogels langs de oevers. Onze gids wijst ons voortdurend op dieren die we zelf onmogelijk zouden opmerken.

Later op de voormiddag varen we verder richting Sukau. De spanning stijgt wanneer de gids plots de motor stillegt en zachtjes naar de oever wijst. Daar staat een kleine kudde Borneose dwergolifanten. Deze bijzondere olifanten zijn de kleinste olifanten ter wereld en leven uitsluitend op Borneo. Er zouden nog slechts enkele duizenden exemplaren in het wild voorkomen. Muisstil kijken we toe hoe de dieren rustig bladeren eten en langzaam langs de rivier wandelen. Niemand zegt iets. Soms zegt stilte veel meer dan woorden.

Alsof deze ontmoeting nog niet bijzonder genoeg is, krijgen we even later opnieuw een prachtig cadeau van de natuur. Hoog in de bomen zien we verschillende wilde orang-oetans. Geen dieren in een opvangcentrum, maar volledig vrij in hun natuurlijke leefomgeving.

Wanneer we later terugvaren beseffen we hoe uitzonderlijk deze dag eigenlijk was. Zoveel bijzondere dieren op één dag spotten gebeurt zelfs hier niet altijd.

Een paradijselijke afsluiter op Gaya Island

Na alle jungleavonturen is het tijd om onze reis in alle rust af te sluiten. Vanuit Kota Kinabalu varen we in nauwelijks twintig minuten met de speedboot naar Gaya Island, een tropisch eiland dat deel uitmaakt van het beschermde Tunku Abdul Rahman Marine Park.

Het water is hier ongelooflijk helder. Zodra we onze snorkel opzetten, zwemmen we tussen kleurrijke koralen en tientallen tropische vissen. Even later verschijnt zelfs een blacktip reef shark. Ondanks hun indrukwekkende uiterlijk zijn deze rifhaaien volledig ongevaarlijk voor mensen. Ze zijn nieuwsgierig, maar zwemmen rustig voorbij zonder zich iets van ons aan te trekken.

Ook boven water valt heel wat te beleven. Met de kajak verkennen we de mangroves die een belangrijke kraamkamer vormen voor vissen, krabben en tal van andere zeedieren. Onze gids vertelt hoe belangrijk deze bossen zijn om de kust te beschermen tegen erosie en stormen.

In het Marine Conservation Centre ontdekken we hoe kwetsbaar koraalriffen eigenlijk zijn. Door klimaatverandering en menselijke impact staan veel riffen wereldwijd onder druk. Daarom vinden we het extra bijzonder dat we zelf een klein stukje koraal mogen planten. Een symbolisch gebaar misschien, maar wel eentje waarmee we letterlijk bijdragen aan het herstel van dit unieke ecosysteem.

Tussendoor genieten we natuurlijk ook van de heerlijke Maleisische keuken. De geur van vers gegrilde saté alleen al doet ons watertanden.

Onze laatste avond sluiten we af met een gezellige barbecue op het strand. Terwijl de zon langzaam in zee zakt, blikken we samen terug op alle indrukken van de voorbije dagen. Van bruisende steden en historische tempels tot eeuwenoude regenwouden en unieke wildlife, Maleisië heeft ons werkelijk op elke mogelijke manier verrast.

We vertrekken naar huis met een rugzak vol herinneringen, honderden foto’s en vooral ontzettend veel inspiratie. Maleisië is een bestemming die alles in huis heeft. Cultuur, natuur, gastronomie, avontuur en paradijselijke stranden komen hier moeiteloos samen. Eén ding weten we zeker, dit land verdient absoluut een plekje op de bucketlist van elke reiziger.

Ontdek het veelzijdige Maleisië en Borneo

Van moderne wereldsteden en koloniale charme tot eeuwenoude regenwouden, unieke wildlife en tropische eilanden. Maleisië is een bestemming vol verrassingen. Benieuwd welke rondreis het beste bij jouw wensen past? Onze travel designers delen graag hun persoonlijke ervaringen en stellen met veel plezier jouw droomreis samen.

Plan jouw reis naar Maleisië

Misschien is dit ook interessant voor jou?

alle artikels