Sarah in Sri Lanka: één eiland, eindeloos veel indrukken

Samen met haar soon-to-be hubby Niels trok travel designer Sarah een tijdje geleden bijna drie weken door Sri Lanka, een bestemming die al langer op hun verlanglijstje stond. Van tropische stranden en uitgestrekte theeplantages tot eeuwenoude tempels, indrukwekkende safari’s en authentieke ontmoetingen met de lokale bevolking, elke dag laat een andere kant van het eiland zien. Tijdens hun rondreis ontdekten ze niet alleen de bekendste hoogtepunten, maar ook verborgen parels en bijzondere ervaringen die hun reis extra persoonlijk maken. De enorme afwisseling, de gastvrijheid en de prachtige natuur zorgden ervoor dat Sri Lanka hen vanaf de eerste dag wist te verrassen. Ze keerden huiswaarts met een rugzak vol herinneringen en een bestemming die ze met veel enthousiasme aanbevelen aan iedereen die op zoek is naar een veelzijdige rondreis.

Een warm welkom in Sri Lanka

Na een comfortabele vlucht met Etihad, via Abu Dhabi, landen we midden in de nacht in Colombo. Zodra de schuifdeuren van de luchthaven opengaan, voelen we meteen de tropische warmte. Het is dertig graden en behoorlijk vochtig, een groot verschil met thuis, maar tegelijk voelt het als het officiële startschot van onze vakantie.

Aan de aankomsthal staan onze gids Malcolm en lokale partner Gayasan ons al op te wachten. Ik krijg een prachtig boeket bloemen, terwijl Niels een traditionele bloemenkrans omgehangen krijgt. Het zijn kleine gebaren, maar ze zeggen meteen veel over de gastvrijheid van Sri Lanka. Tijdens de hele reis merken we hoe vriendelijk en behulpzaam de mensen hier zijn.

Na een korte rit bereiken we Negombo. Deze gezellige kustplaats ligt op amper een halfuurtje van de luchthaven en wordt daarom vaak gebruikt als ideale eerste stop tijdens een rondreis. Het vissersleven bepaalt er nog steeds het dagelijkse ritme en dat zorgt meteen voor een ontspannen vakantiesfeer. Na het inchecken kruipen we snel onder de lakens, benieuwd naar wat de komende weken zullen brengen.

Negombo en Galle, een eerste kennismaking

Wanneer we de volgende ochtend de gordijnen openen, kijken we uit over het strand. We nemen rustig de tijd voor een uitgebreid ontbijt terwijl de golven op de achtergrond breken. Het vakantiegevoel is meteen compleet.

Onze eerste uitstap brengt ons naar een turtle hatchery, een opvangcentrum waar bedreigde zeeschildpadden worden verzorgd. We leren hoe vrijwilligers de eitjes beschermen tegen roofdieren en hoe jonge schildpadjes pas worden vrijgelaten wanneer hun overlevingskansen groter zijn. Het is mooi om te zien hoeveel aandacht er naar natuurbehoud gaat.

Daarna rijden we richting Galle, een van de meest sfeervolle steden van Sri Lanka. Toevallig is het een lokale feestdag, waardoor de straten gevuld zijn met families, muziek en gezellige drukte. Tegen de avond wandelen we door het historische fort.

Galle Fort behoort tot het UNESCO Werelderfgoed en is een van de best bewaarde koloniale vestingen van Azië. Portugese, Nederlandse en Britse invloeden lopen hier moeiteloos door elkaar. Terwijl we langs de oude stadsmuren wandelen en de vuurtoren langzaam in het gouden avondlicht zien oplichten, begrijpen we meteen waarom zoveel reizigers verliefd worden op deze plek. De combinatie van geschiedenis, gezellige straatjes en uitzicht op de oceaan maakt Galle ontzettend charmant.

Na het ontbijt neemt Malcolm ons nog even mee door de geschiedenis van Galle. Zijn verhalen brengen de oude stad helemaal tot leven. Daarna zetten we koers richting Yala National Park.

Onderweg stoppen we bij de bekende palm swing van Thalpe, een van de meest gefotografeerde plekjes aan de zuidkust. Even verder ontmoeten we de beroemde paalvissers van Weligama. Deze traditionele manier van vissen ontstond na de Tweede Wereldoorlog, toen vissers door een tekort aan boten creatieve oplossingen zochten. Vandaag wordt de techniek nog slechts door een handvol vissers toegepast, waardoor het een bijzonder stukje cultureel erfgoed blijft.

Safari tussen olifanten, krokodillen en een luipaard

In de namiddag is het eindelijk zover. Onze eerste safari staat op het programma.

Wanneer onze jeep langzaam het park binnenrijdt, voelen we meteen de spanning stijgen. Achter elke bocht kan een nieuw dier verschijnen. We spotten krokodillen die roerloos langs het water liggen, kleurrijke vogels, waterbuffels, herten en verschillende kuddes olifanten die rustig tussen de struiken wandelen.

Yala National Park staat bekend als een van de beste plaatsen om luipaarden te zien. Een garantie op een ontmoeting is er natuurlijk nooit, waardoor het extra bijzonder voelt wanneer onze ranger plots stopt en wijst. Daar ligt een prachtig luipaard te rusten. Iedereen in de jeep wordt muisstil. Zo’n moment vergeet je niet snel.

Na de safari rijden we naar Yala Tribe, een unieke glamping aan de rand van het nationaal park. Onze tent beschikt zelfs over een eigen plunge pool en ligt volledig midden in de natuur. Terwijl de zon ondergaat, genieten we van een sfeervol diner rond het kampvuur. De geluiden van de jungle vormen de perfecte achtergrond.

De volgende ochtend worden we wakker door apen die enthousiast over het dak van onze tent springen. Een alarmklok die je thuis niet snel zal meemaken, maar eentje die deze overnachting alleen maar memorabeler maakt.

Ella, waar de tijd even trager lijkt te gaan

Na enkele dagen vol wildlife verruilen we de droge vlaktes van Yala voor de groene hooglanden van Sri Lanka. De temperatuur daalt onderweg een beetje en het landschap verandert langzaam in een lappendeken van bergen, theeplantages en indrukwekkende watervallen.

Onze eerste stop is Diyaluma Falls, met ruim 220 meter de op één na hoogste waterval van Sri Lanka. Het water stort zich langs verschillende natuurlijke plateaus naar beneden en vormt onderweg kristalheldere poeltjes. Alleen al het uitzicht maakt deze stop meer dan de moeite waard.

Niet veel later bereiken we ook Ravana Falls. Volgens een eeuwenoude legende hield koning Ravana uit het Indiase epos Ramayana prinses Sita verborgen in de grotten achter deze waterval. Of het verhaal nu waar is of niet, het geeft deze plek toch een extra mysterieus tintje.

Wanneer we aankomen bij 98 Acres Resort & Spa, worden we meteen stil. Onze kamer kijkt uit over eindeloze groene heuvels en perfect aangelegde theevelden. Terwijl we op ons terras zitten, lijkt de wereld heel even stil te staan. Het is moeilijk te geloven dat zoveel schoonheid op één plek samenkomt.

Ella heeft de voorbije jaren heel wat reizigers weten te veroveren, en eenmaal je er bent begrijp je meteen waarom. De ontspannen sfeer, gezellige restaurants en indrukwekkende natuur maken het een van de populairste bestemmingen van Sri Lanka.

Voor een flinke dosis adrenaline wagen we ons aan de Flying Ravana Zipline. Hoog boven de boomtoppen zoeven we met zicht op de omliggende bergen naar beneden. Het uitzicht alleen al maakt de rit onvergetelijk.

Die avond genieten we van een heerlijk diner terwijl live muziek de perfecte afsluiter vormt van een prachtige dag.

Fietsen langs het lokale leven

De volgende ochtend stappen we op de fiets om Ella vanuit een heel andere hoek te ontdekken.

We vertrekken aan het station en rijden langs kronkelende landweggetjes, rijstvelden en kleine dorpjes waar kinderen enthousiast naar ons zwaaien. Onderweg lijkt het dagelijkse leven zich onverstoord af te spelen. Mensen werken op het land, wassen hun kleren in de rivier of zitten gezellig voor hun huis te praten.

Een van de mooiste stops is een traditionele weverij. Hier maken vrouwen nog steeds met de hand kleurrijke sari’s en sarongs volgens technieken die al generaties lang worden doorgegeven. Ze tonen met zichtbaar enthousiasme hoe elk kledingstuk ontstaat. Het is bijzonder om te zien hoeveel geduld en vakmanschap daarin kruipt.

Even later bezoeken we een kleine groentetuin langs de beroemde Pekoe Trail. Alles wat hier groeit, belandt uiteindelijk ook op het bord van de lokale bevolking. Verser kan bijna niet.

Onze fietstocht eindigt aan een uitzichtpunt over de iconische Nine Arches Bridge. Door werkzaamheden kunnen we jammer genoeg niet helemaal tot aan de brug wandelen, maar ook vanop afstand blijft het een indrukwekkend zicht.

Deze spoorbrug werd meer dan honderd jaar geleden gebouwd tijdens de Britse koloniale periode en bestaat volledig uit steen en baksteen, zonder één enkele stalen balk. Een staaltje ingenieurskunst dat vandaag nog altijd dagelijks gebruikt wordt door de beroemde blauwe trein.

De volgende ochtend staan we vroeg op voor een wandeling naar Little Adam’s Peak. Hoewel de zon zich achter een dik wolkendek verstopt, genieten we volop van de rust en het uitzicht over de glooiende heuvels. Soms hoeft een zonsopgang niet perfect te zijn om toch bijzonder te voelen.

De mooiste treinrit van Sri Lanka

Vandaag staat een van de hoogtepunten van de reis op het programma. We nemen de trein van Ella naar Ambewela, een traject dat wereldwijd bekendstaat als een van de mooiste treinritten. Zodra de trein vertrekt, begrijpen we meteen waarom.

Langzaam slingeren we door eindeloze theevelden, diepe valleien en kleine bergdorpjes. De frisse berglucht waait door de open deuren en ramen, terwijl kinderen vrolijk naar de voorbijrijdende trein zwaaien. Af en toe steken theepluksters in kleurrijke kledij fel af tegen de diepgroene hellingen. Het uitzicht verandert voortdurend en niemand lijkt hier ook maar een seconde op zijn telefoon te kijken.

Na de treinrit rijden we verder naar Nuwara Eliya. Door de hogere ligging is het hier opvallend frisser dan aan de kust. Niet voor niets kreeg deze stad tijdens de Britse koloniale periode de bijnaam Little England. Britse villa’s, kleurrijke bloementuinen, een golfclub en zelfs rode telefooncellen herinneren nog steeds aan die tijd.

We sluiten de dag af met een klassieke high tea in The Grand Hotel. Terwijl we genieten van verse scones, sandwiches en uiteraard heerlijke Ceylonthee, wanen we ons even in Engeland, al liggen de uitgestrekte theevelden gewoon buiten voor het raam.

Horton Plains, wandelen boven de wolken

Nog voor zonsopgang gaat de wekker. Dat vroege uur heeft een goede reden, want hoe vroeger je Horton Plains bereikt, hoe groter de kans op heldere uitzichten.

Wanneer we aankomen hangt er een frisse ochtendnevel over het landschap. In de verte zien we verschillende herten rustig grazen terwijl de eerste zonnestralen langzaam doorbreken. De sfeer is bijna onwerkelijk.

We wandelen een lus van ongeveer negen kilometer door een landschap dat helemaal anders oogt dan de rest van Sri Lanka. Open grasvlaktes wisselen af met mysterieuze nevelbossen.

Het absolute hoogtepunt is World’s End, een steile rotswand waar het landschap plots bijna 900 meter naar beneden valt. Op heldere dagen kan je zelfs de zuidkust van Sri Lanka zien liggen.

Onderweg passeren we ook Mini World’s End en Baker’s Falls, een schilderachtige waterval die verscholen ligt tussen het groen.

Het is een stevige wandeling, maar eentje die absoluut beloond wordt met prachtige uitzichten en een heel andere kant van Sri Lanka.

Een blik in het dagelijkse leven

Later die dag bezoeken we Kandapola Village. Hier worden we verwelkomd door een lokale familie die afstamt van Indische arbeiders die generaties geleden naar Sri Lanka kwamen om op de theeplantages te werken.

We mogen hun woning bezoeken, leren hoe je een sari en sarong correct draagt en maken samen een kleurrijke mandala van rijst.

Daarna duiken we de keuken in. Terwijl verschillende kruiden en geuren de ruimte vullen, bereiden we samen een traditionele maaltijd. Er wordt veel gelachen en ondertussen leren we meer over het dagelijkse leven in het dorp.

Het zijn net deze ontmoetingen die voor mij het verschil maken. Geen toeristische show, maar gewoon een warme kennismaking met mensen die trots zijn op hun cultuur en die graag met ons delen.

Thee, regenwoud en een vleugje avontuur

Een bezoek aan Sri Lanka is natuurlijk niet compleet zonder een theefabriek. We krijgen stap voor stap uitleg over hoe de bekende Ceylonthee wordt geproduceerd. Van het zorgvuldig plukken van de jonge blaadjes tot het drogen, rollen en sorteren. Op het einde proeven we verschillende soorten thee.

Zelf zijn Niels en ik geen echte theeliefhebbers, maar toch is het indrukwekkend om te zien hoeveel precisie en vakmanschap achter elke kop thee schuilt. Niet voor niets behoort Ceylonthee al meer dan 150 jaar tot de belangrijkste exportproducten van Sri Lanka.

Daarna rijden we verder naar Kitulgala. Deze groene regio staat bekend als dé avonturenhoofdstad van Sri Lanka. Door de vele rivieren en het tropische regenwoud is het de ideale plek voor rafting, canyoning en andere outdooractiviteiten. Wij kiezen voor een rafttocht. Eerlijk? Spannender dan verwacht. De rivier sleurt ons af en toe stevig mee, maar net dat maakt het zo leuk. Gelukkig blijven we de hele tocht netjes in de boot, al scheelt het op sommige momenten niet veel. We sluiten af met een brede glimlach en een flinke portie adrenaline rijker.

Kandy, waar geschiedenis en traditie samenkomen

Na ons avontuur in Kitulgala trekken we verder naar Kandy, de culturele hoofdstad van Sri Lanka. De stad ligt prachtig tussen de groene heuvels en ademt geschiedenis. Het is bovendien de laatste koninklijke hoofdstad van het land en behoort dankzij haar rijke erfgoed tot het UNESCO Werelderfgoed.

Onze eerste stop is de Temple of the Tooth, zonder twijfel een van de belangrijkste boeddhistische heiligdommen van Azië. Volgens de overlevering wordt hier een tand van Boeddha bewaard. Wanneer we aankomen, is net een ceremonie bezig. Overal weerklinken trommels, gelovigen brengen bloemenoffers en de geur van wierook vult de tempel. Ook al ben je zelf geen boeddhist, de sfeer is indrukwekkend en bijzonder sereen.

De volgende ochtend ontdekken we Kandy verder. We bezoeken het grote witte Boeddhabeeld van Bahiravokanda Vihara, dat hoog boven de stad uittorent. Vanaf hier genieten we van een prachtig uitzicht over Kandy Lake en de omliggende heuvels. Daarna wandelen we door de levendige lokale markt, waar kleurrijke kraampjes gevuld zijn met exotisch fruit, kruiden, bloemen en handgemaakte producten. Het is heerlijk om hier gewoon rond te dwalen en het dagelijkse leven te observeren.

’s Avonds staat er nog iets bijzonders op het programma: een foodtour. Samen met een lokale gids trekken we door de stad en proeven we verschillende typische gerechten. Van krokante hoppers en vers bereide kottu roti tot zoete pani pol en een glaasje arrack met ginger beer. Elke stop vertelt een stukje van de Sri Lankaanse eetcultuur en maakt duidelijk hoe belangrijk eten is om mensen samen te brengen.

Koken zoals een local

Een van de leukste ervaringen van de reis beleven we in Hanthana House, een kleinschalige accommodatie net buiten Kandy. Eigenaars Pathi en Suba ontvangen ons alsof we familie zijn. Nog voor we beginnen te koken, nemen ze ons mee door hun kruidentuin. We leren welke kruiden dagelijks gebruikt worden in de Sri Lankaanse keuken en hoeveel smaak je kan creëren met eenvoudige, verse ingrediënten.

Daarna mogen we zelf aan de slag. We snijden groenten, malen kruiden en bereiden verschillende traditionele curry’s. Ondertussen vertelt Suba honderduit over het dagelijkse leven in Sri Lanka. Er wordt veel gelachen en natuurlijk schrijven we alle recepten zorgvuldig op. Al beseffen we nu al dat hetzelfde gerecht thuis waarschijnlijk nooit helemaal hetzelfde zal smaken.

Net die persoonlijke ontmoetingen maken voor mij reizen zo bijzonder. Je leert een land pas echt kennen wanneer je even mag binnenkijken in het leven van de mensen die er wonen.

Wandelen over de Pekoe Trail

Nog voor de zon opkomt, loopt de wekker alweer af. Vandaag trekken we onze wandelschoenen aan voor een stukje van de Pekoe Trail, een wandelroute van meer dan 300 kilometer die de mooiste theegebieden van Sri Lanka met elkaar verbindt.

Wij wandelen de eerste etappe, van Hanthana naar Galaha, goed voor bijna dertien kilometer. De eerste kilometers zijn pittig en gaan stevig bergop, maar de uitzichten maken alles goed. We wandelen langs uitgestrekte theevelden waar pluksters met grote manden op hun rug zorgvuldig de jonge theeblaadjes verzamelen. Af en toe kruisen we kleine dorpjes waar kinderen nieuwsgierig naar ons zwaaien en locals vriendelijk een praatje maken.

Onze gids vertelt dat de naam Pekoe verwijst naar een kwaliteitsklasse van zwarte thee. De route volgt grotendeels oude paden die vroeger gebruikt werden om thee van de plantages naar de fabrieken te vervoeren. Onderweg passeren we zelfs een filmlocatie van Indiana Jones and the Temple of Doom. Dat hadden we vooraf helemaal niet verwacht.

Door de vochtige omstandigheden krijgen we ook kennis met een minder populaire inwoner van de hooglanden: bloedzuigers. Gelukkig blijft onze gids er bijzonder rustig onder. Een beetje zout water of Dettol en ze laten meteen weer los. Achteraf kunnen we er gelukkig alleen maar om lachen. Na enkele uren wandelen bereiken we moe maar voldaan het eindpunt. Dit is zonder twijfel een van de mooiste hikes die we tijdens deze reis maken.

Genieten van de rust in Madulkelle

Na de inspanning volgt ontspanning. We rijden naar Madulkelle Tea & Eco Lodge, misschien wel een van de mooiste accommodaties van de hele reis.

Onze luxetent kijkt uit over het indrukwekkende Knuckles-gebergte, een UNESCO Biosfeerreservaat dat zijn naam dankt aan de bergtoppen die doen denken aan een gebalde vuist.

Vanop ons terras kijken uit over de bergen. Op het ene moment schijnt de zon volop, een kwartier later trekt een dikke mist over de vallei waardoor het landschap volledig verdwijnt. Het geeft de omgeving iets mysterieus en rustgevends tegelijk.

De volgende ochtend maken we samen met een gids van het hotel een wandeling naar Mini World’s End. De route loopt langs theevelden, kleine watervallen en prachtige panorama’s. Alsof dat nog niet gezellig genoeg is, besluit ook de hotelhond spontaan met ons mee te wandelen. Hij lijkt de route beter te kennen dan wijzelf.

De rest van de dag doen we helemaal niets. We genieten van het zwembad, een goed boek en vooral van de stilte. Na alle indrukken van de voorbije dagen voelt deze rust meer dan welkom.

De volgende ochtend trekken we nog even de natuur in voor een birdwatchingexcursie. Dankzij de grote biodiversiteit leven in deze regio honderden vogelsoorten. Zelfs voor wie geen fervente vogelspotter is, blijft het bijzonder om de jungle langzaam wakker te zien worden.

Duizend jaar geschiedenis

Na alle natuur rijden we richting de Culturele Driehoek van Sri Lanka. Onderweg stoppen we eerst in Matale, waar we een spice garden bezoeken. We krijgen uitleg over kaneel, kardemom, peper, nootmuskaat en tal van geneeskrachtige planten. Het is verrassend hoeveel kruiden die wij dagelijks gebruiken gewoon in de tuin groeien.

Daarna bereiken we Dambulla. De beroemde grottempel bestaat uit vijf indrukwekkende grotten waarin meer dan 150 Boeddhabeelden en eeuwenoude muurschilderingen verborgen zitten. De kleurrijke plafonds zijn volledig beschilderd en vertellen verhalen uit het leven van Boeddha. Het is bijna niet te geloven dat sommige schilderingen al meer dan tweeduizend jaar oud zijn.

Niet veel later rijden we verder naar Polonnaruwa, een van de oude koningssteden van Sri Lanka. Omdat de archeologische site enorm uitgestrekt is, verkennen we ze met de fiets. We rijden langs oude paleizen, stoepa’s, tempels en gigantische Boeddhabeelden. Overal herinneren de ruïnes aan de rijke geschiedenis van het vroegere koninkrijk.

Halverwege slaat het weer plots om. Donkere wolken pakken zich samen en binnen enkele minuten barst een stevige tropische onweersbui los. We schuilen even bij een lokaal kraampje terwijl de regen met bakken uit de hemel valt. Onze gids komt ons gelukkig oppikken zodat we ook de laatste delen van de site nog kunnen bezoeken. Met paraplu in de hand krijgt Polonnaruwa zelfs iets extra sfeervol.

Op zoek naar wilde olifanten

In de namiddag stappen we opnieuw in een safarijeep. Normaal trekken bezoekers voor olifanten naar Minneriya National Park, maar door de recente regenval zijn de kuddes verhuisd naar Hurulu Eco Park. Dat toont nog maar eens hoe de natuur hier het ritme bepaalt.

In het begin blijft het opvallend stil. We rijden langzaam over zandwegen en turen tussen de bomen. Heel even vrezen we dat het vandaag niets zal worden. Tot onze chauffeur plots afremt. Aan de rand van een open vlakte verschijnt een eerste olifant. Even later nog één. En nog één. Plots staan we midden tussen een volledige kudde. Verschillende jonge olifantjes lopen nieuwsgierig dicht bij hun moeder, terwijl de oudere dieren rustig verder grazen. Sommige komen verrassend dichtbij onze jeep. We blijven muisstil kijken.

Na deze prachtige safari rijden we naar Jetwing Vil Uyana, een schitterend hotel midden tussen de rijstvelden en wetlands. Terwijl de zon langzaam ondergaat, beseffen we hoeveel verschillende landschappen Sri Lanka ondertussen al heeft laten zien. Geen enkele dag lijkt op de vorige.

Sigiriya, het achtste wereldwonder

Onze laatste ochtend in de Culturele Driehoek begint vroeg. Nog voor de grote drukte bezoeken we Sigiriya, misschien wel de bekendste bezienswaardigheid van Sri Lanka.

We starten in het museum, waar onze gids het fascinerende verhaal vertelt van koning Kashyapa, die in de vijfde eeuw boven op deze gigantische rots zijn paleis liet bouwen. Daarna wandelen we door de perfect aangelegde watertuinen, langs de beroemde fresco’s en de Mirror Wall richting het Leeuwenplatform.

Sigiriya wordt vaak het achtste wereldwonder genoemd en eenmaal je er zelf staat, begrijp je waarom. De bijna tweehonderd meter hoge rots torent indrukwekkend boven de jungle uit en het uitzicht bovenaan is ronduit spectaculair.

Wat me misschien nog het meest opvalt, is de rust. Geen lange wachtrijen of grote mensenmassa’s. Daardoor kunnen we volop genieten van deze bijzondere plek. Voor mij is Sigiriya zonder twijfel een van de absolute hoogtepunten van deze reis. Een plek waar natuur, geschiedenis en architectuur op een unieke manier samenkomen.

Let’s go to the beach

Na bijna twee weken vol tempels, hikes, safari’s en theevelden is het tijd om het tempo wat te laten zakken. We trekken richting de oostkust van Sri Lanka, waar Trincomalee ons verwelkomt met witte zandstranden, wuivende palmbomen en een azuurblauwe oceaan.

Onze thuis voor de komende dagen is Uga Jungle Beach, een prachtig resort waar de jungle letterlijk overgaat in het strand. Zodra we aankomen, valt de rust op. Geen drukke boulevards of overvolle stranden, alleen het geluid van de golven en de vogels in de bomen. Het is de ideale plek om alle indrukken van de voorbije dagen even te laten bezinken.

Trincomalee is nog altijd minder bekend dan de stranden aan de zuidkust, maar net dat maakt deze regio zo aantrekkelijk. De stranden behoren tot de mooiste van Sri Lanka en dankzij het heldere water is dit ook een uitstekende plek om te snorkelen en te duiken. In het juiste seizoen worden hier zelfs blauwe vinvissen en potvissen gespot. Wij trekken de onderwaterwereld in en ontdekken kleurrijke vissen, prachtige koralen en het verrassend heldere water.

Voor onze vrije namiddag hadden we maar één plan: ontspannen op het strand met een goed boek en genieten van de zon. Alleen beslist het weer daar anders over. Nog voor we onze handdoek goed en wel hebben uitgerold, trekken donkere wolken samen en begint het stevig te regenen. We verhuizen naar de gezellige hotelbar, bestellen enkele hapjes en cocktails en halen een spel kaarten boven.

Colombo, een verrassende afsluiter

Na een laatste ontbijt aan zee vertrekken we richting Colombo. Onze laatste dag houden we bewust rustig. We slapen wat langer uit, genieten uitgebreid van het ontbijt en maken nog gebruik van de fitness, het zwembad en de rooftopbar van het hotel. Het voelt een beetje alsof we de reis nog niet helemaal willen loslaten.

In de namiddag maken we nog een korte stadstour. Colombo is een boeiende mix van oud en nieuw. Moderne wolkenkrabbers staan er naast koloniale gebouwen, hippe koffiebars liggen verscholen tussen kleurrijke markten en overal hangt een gezellige drukte. Veel reizigers zien Colombo enkel als aankomst- of vertrekpunt, maar de stad heeft zeker meer te bieden dan je op het eerste gezicht zou denken.

Wanneer de zon stilaan ondergaat, is het tijd om richting luchthaven te vertrekken. Het voelt vreemd dat de reis er alweer op zit. Drie weken lijken lang, maar eenmaal je hier bent vliegt de tijd voorbij.

Wanneer ik terugdenk aan deze reis, besef ik hoe ongelooflijk veelzijdig Sri Lanka eigenlijk is. Er zijn maar weinig bestemmingen waar je op zo’n korte tijd zoveel verschillende ervaringen kan combineren.

De ene dag wandel je tussen de theevelden in de hooglanden, de volgende dag spot je wilde olifanten tijdens een safari of bewonder je eeuwenoude tempels die bol staan van geschiedenis. Even later sta je alweer met je voeten in het zand aan een tropisch strand of schuif je aan tafel bij een lokale familie om samen een traditionele maaltijd te bereiden.

Maar wat me misschien nog het meest zal bijblijven, zijn de mensen. Overal worden we hartelijk ontvangen en voelen we ons welkom. Die oprechte gastvrijheid geeft deze bestemming iets extra’s.

We keren naar huis terug met duizenden foto’s, een rugzak vol herinneringen en vooral met het gevoel dat we nog lang niet alles van Sri Lanka hebben gezien.

Voor wie houdt van natuur, cultuur, wildlife, lekker eten, avontuur én een vleugje ontspanning, is dit zonder twijfel een van de mooiste bestemmingen in Azië.

Zelf de veelzijdigheid van Sri Lanka ervaren?

Ben je op zoek naar een bestemming waar indrukwekkende natuur, eeuwenoude cultuur, unieke wildlife en tropische stranden moeiteloos samenkomen? Sri Lanka heeft het allemaal. Onze travel designers stellen met veel plezier een rondreis samen die volledig aansluit bij jouw wensen, zodat ook jij de magie van dit veelzijdige eiland kan ontdekken.

Ontdek onze reizen naar Sri Lanka

Misschien is dit ook interessant voor jou?

alle artikels